Een symbool dat wel bestaat, en drie die dat niet doen
Voor de babyverschoontafel bestaat een breed herkend pictogram: een liggende baby met een hand erboven. Dat symbool wordt internationaal gebruikt en heeft nauwelijks uitleg nodig.
Voor de andere ruimtes ligt het lastiger. Een kindertoilet, een familietoilet en een verzorgingsruimte voor volwassenen met een beperking hebben geen symbool dat iedereen kent. Voor die drie is tekst niet optioneel: zonder woorden weet een bezoeker niet of hij er zelf naar binnen mag of dat de ruimte voor iemand anders bedoeld is.
Waar het verschoonbordje hoort te hangen
Het bordje bij de verschoontafel hoort niet alleen op de deur van de ruimte waar hij staat, maar ook bij de ingang van het toiletblok. Anders opent een ouder met een kind eerst twee andere deuren.
Staat de tafel in een van de twee genderaanduidingen — vaak het damestoilet — vermeld dat dan expliciet. Niets is voor een vader met een baby ongemakkelijker dan ontdekken dat de enige verschoontafel achter een deur zit waar hij aarzelt om binnen te gaan. Een tafel in de neutrale of de mindervalidenruimte lost dat op; staat hij er niet, dan hoort het bordje eerlijk te zijn over waar hij wél staat.
Kindertoiletten: hoogte en herkenbaarheid
Bij kindertoiletten gaat het minder om het symbool en meer om waar het hangt. Een bordje op anderhalve meter wordt door een kleuter niet gezien. Hang het op ongeveer een meter, of hang er twee: één op volwassenhoogte voor de begeleider en één laag voor het kind zelf.
Gebruik daarbij een duidelijke, gevulde figuur en niet een dunne lijntekening. En kies één kleur per aanduiding: kinderen die nog niet lezen, onthouden "de blauwe deur" sneller dan het onderscheid tussen twee bijna gelijke poppetjes.
De verzorgingsruimte voor volwassenen
Steeds meer publieke gebouwen krijgen een ruimte met een volwassen verschoontafel en een tillift, bedoeld voor mensen met een ernstige meervoudige beperking. Die ruimte is nadrukkelijk geen gewoon mindervalidentoilet en hoort ook niet als zodanig aangeduid te worden.
De gangbare aanduiding is tekst plus het rolstoelsymbool, met een korte toevoeging over wat er aanwezig is: een verschoontafel, een lift, een ruimte om te draaien. Wie die informatie op het bordje zet, bespaart bezoekers een zoektocht die zij anders vooraf telefonisch moeten doen.


